Bioloog tegen de genderideologie: zelfs de bacterie is binair

De natuur doet niet aan genderwaanzin. Zelfs op cellulair niveau is er binair onderscheid.

Bioloog tegen de genderideologie: zelfs de bacterie is binair

THEMA'S:

De genderideologie is een aanval op God én Zijn Schepping. Genderactivisten loochenen wat zeer diep zit in heel de natuur: het onderscheid tussen het mannelijk en het vrouwelijk geslacht. Bioloog dr. Jan A. Schulp legt uit.

Ook bacteriën zijn binair

In de huidige seksuele verwarring zijn er mensen die zich als non-binair afficheren, die dus van mening zijn dat zij noch man, noch vrouw zijn en daarom als een aparte categorie behandeld wensen te worden. Anderen zijn van mening dat hun sekse maar iets willekeurigs is dat hun bij de geboorte is toegewezen en dat ze feitelijk tot de andere sekse behoren. Dat zijn de transseksuelen die zich niet zelden laten ombouwen tot iets dat wat op de andere sekse lijkt, maar natuurlijk totaal niet functioneren kan. Deze opvattingen en praktijken zijn volkomen in strijd met de natuurwet, of, op een minder filosofisch niveau geformuleerd, in strijd met het gezond verstand, met wat waarneembaar is. Bijna alle pasgeboren baby’s zijn duidelijk herkenbaar als jongens of meisjes. Er bestaat inderdaad een zeer kleine minderheid over wie twijfel kan bestaan. Dat is vergelijkbaar met andere aangeboren afwijkingen zoals een darmafsluiting of wat er ook maar in de medische praktijk verder langskomt. In dit artikel wil ik laten zien dat de hele levende natuur, tot aan de bacteriën toe, binair is. Alle planten en alle dieren zijn duidelijk mannelijk of vrouwelijk, en bij schimmels en bacteriën blijken er ook twee typen te bestaan: plus of min. Die zijn aan hun vorm niet te onderscheiden, maar je merkt de verschillen pas als je probeert ze met elkaar te kruisen. Plus tegen plus werkt niet, min tegen min werkt niet en alleen plus tegen min werkt wel.

Lees ook: 10 redenen waarom transgenderisme de ergste vijand van het gezin is

Een fantastisch gezicht

Voortplanting dient om meer en nieuwe individuen van een soort te produceren. Bacteriën planten zich vooral ongeslachtelijk voort: hun DNA wordt verdubbeld (gerepliceerd) en daarna splitst de cel zich, waar bij iedere nieuwe cel het DNA-pakket meekrijgt. Algen vormen speciale orgaantjes waarin herhaalde celdeling plaatsvindt; de cellen die zo ontstaan heten zwermsporen omdat ze zich door zweepharen door het water kunnen bewegen; ze zwermen al zwemmend op een gegeven moment weg en zetten zich ergens vast en groeien uit tot een nieuwe plant. Ik heb dat als student, alweer 55 jaar geleden, wel eens onder mijn microscoop mogen aanschouwen; een fantastisch gezicht! Schimmels doen het net zo, maar hun sporen worden door de lucht geblazen en die landen dan op een gegeven moment op uw kaas. En daar krijgt u dan een prachtig blauwgroen poedertje. Dat zijn nieuwe sporen die over kunnen waaien naar een ander stuk brood of kaas.

Ongeslachtelijke voortplanting – een groot succes

Planten kunnen zich ook ongeslachtelijk voortplanten. Tot plezier van tuinders als het om bijvoorbeeld aardbeien en aardappels gaat, en tot verdriet als het zevenblad, heermoes, haagwinde of kweek is. De planten maken dan bovengrondse uitlopers, zoals aardbeien doen, of ondergrondse wortelstokken, zoals al die onkruiden, of ze vormen ondergrondse knollen zoals de aardappels. Ongeslachtelijke voortplanting helpt organismen om zich snel te verspreiden en een eenmaal verworven gebied zeer snel totaal in beslag te nemen. Ongeslachtelijke voortplanting is bij dieren veel zeldzamer, maar bijvoorbeeld bladluizen planten zich in de zomer razendsnel voort, uit onbevruchte eicellen, en tegen de winter gaan ze dan weer op geslachtelijke voortplanting over. Maar toch bestaat er ook geslachtelijke voortplanting, man en vrouw dus, en die is zelfs nog belangrijker dan de ongeslachtelijke.

Bestel gratis: Seksuele indoctrinatie in schoolboeken

Waarom is geslachtelijke voortplanting nodig?

Alle kwekers kennen het verschijnsel dat bijvoorbeeld een aardappelras het na enige tientallen jaren minder goed begint te doen. Dat ligt dan vaak aan beschadigingen van het DNA die niet gecorrigeerd worden door het DNA van een seksuele partner. Daarom zijn kwekers altijd op zoek naar betere rassen, en wel door allerlei rassen met elkaar te kruisen. De nog betere moderne technieken laat ik even buiten beschouwing. Bij geslachtelijke voortplanting wordt het DNA als het ware opgeschud, zodat beschadigingen in chromosomen gecompenseerd worden door nieuw inkomende chromosomen. Ongeslachtelijke voortplanting werkt fantastisch zolang de omstandigheden niet al te gek veranderen. Maar duikt er plotseling bijvoorbeeld een plantenziekte op, dan is het ineens afgelopen met een variëteit die altijd ongeslachtelijk is doorgekweekt. Dat dreigt op het moment te gebeuren met het populairste ras van bananen.

Twee soorten geslachtscellen

Bij geslachtelijke voortplanting worden geen sporen gevormd maar geslachtscellen. En die bestaan in twee typen: (1) Relatief grote cellen die niet bewegelijk zijn en relatief niet bijzonder talrijk: de eicellen - vrouwelijk; (2) Zeer kleine cellen die bewegelijk zijn en extreem talrijk: de zaadcellen – mannelijk. Ik gebruik het woord relatief: een wijfjeskabeljauw kan tot een miljoen eieren (kuit) in het water loslaten, maar daar staan dan vele miljarden zaadcellen (hom) van de mannetjeskabeljauw tegenover. Bij de mens rijpt er bij de vrouw een of twee eicellen per maand; de man heeft vele miljoenen zaadcellen. Dit nu is de regel door het hele dierenrijk en het hele plantenrijk. Vrouw en man noemen we dat.

Lees ook: Man-vrouw verschillen: de doodsteek voor de genderideologie

Chromosomen

Bij de geslachtelijke voortplanting hoort een speciale manier van celdeling, en wel bij de vorming van geslachtscellen. Bij de ongeslachtelijke voortplanting worden alle chromosomen van de cel netjes gekopieerd; er zijn dan dus eventjes tweemaal zoveel chromosomen aanwezig in de oorspronkelijke cel. Vervolgens worden die gelijkelijk over de twee nieuwe cellen verdeeld worden. Voor de mens: een darmcel bevat 46 chromosomen. Bij celdeling zijn dat er eventjes 92. En als de cel zich gedeeld heeft bevat elke dochtercel weer netjes 46 chromosomen.

'Vadercellen' en 'moedercellen' in de mix

Bij de geslachtelijke voortplanting (vereenvoudigd voorgesteld) worden telkens twee chromosomen met eenzelfde functie gepaard neergelegd en van ieder paar gaat het ene chromosoom naar de ene cel en het andere chromosoom naar de andere cel. Van ieder paar chromosomen is er één afkomstig van de vader en één van de moeder. De twee resulterende geslachtscellen bevatten dus elk de helft van het oorspronkelijke aantal chromosomen en de chromosomen van vaderskant en van moederskant zijn willekeurig over de dochtercellen verdeeld. Die dochtercellen worden de geslachtscellen. Het aantal chromosomen wordt gereduceerd tot de helft, daarom noemen we deze celdeling de reductiedeling. Het erfelijk materiaal wordt dus flink opgeschud, niet alleen doordat de chromosomen van vaders- en moederskant willekeurig over de geslachtscellen verdeeld zijn, maar ook worden tijdens de reductiedeling stukjes chromosoom van het moederlijke chromosoom aan het vaderlijke chromosoom vastgeplakt, en het vaderlijke stukje aan het moederlijke chromosoom. De boel wordt dus goed door elkaar geroerd!

Bestel gratis: Genderboek

Nieuw leven verwekt

Tijdens de paring, of bij planten de bestuiving, worden dan mannelijke en vrouwelijke geslachtscellen bij elkaar gebracht. Een eicel versmelt met een zaadcel en uit deze bevruchte eicel (zygote) ontstaat een nieuw individu met een nieuwe, unieke, individuele mix van erfelijke eigenschappen. Alle individuen die van één ouderpaar komen zijn verschillend. Sommige individuen doen het onder de bestaande omstandigheden wat minder goed, andere wat beter, en weer andere blijken het hoofd te kunnen bieden aan (sterk) veranderende omstandigheden. Geslachtelijke voortplanting is dus een verzekering tegen veranderende omstandigheden. En dat is hard nodig. Had men maar door kruising een aantal resistente bananenrassen gekweekt die bestand zijn tegen de nieuwe ziekte.

Non-binair en transseksueel: tegen de natuur

Mensen die zichzelf wensen te zien als non-binair of als in ‘het verkeerde lichaam geboren’ gaan in tegen het hiervoor uitgelegde principe: dat de hele levende natuur binair is: mannelijk en vrouwelijk. Vreemd is dat. Ik heb nog nooit iemand horen beweren dat de zwaartekracht ook maar een mening is. Wie zich tegen het bestaan van de zwaartekracht verzet kan één keer van een hoge flat afspringen en dat is het dan. Niet doen dus.

Bestel nu gratis: De waarheid over homoseksualiteit

Kinderloos

Waarom je dan verzetten tegen het feit dat je man of vrouw bent? Goed, je merkt niet ogenblikkelijk dat je door deze opvatting schade oploopt, maar aan het einde van je leven merk je toch dat je niemand achterlaat. Materialistische Darwinisten zullen dan zeggen dat je evolutionair mislukt bent. Dat is een hard oordeel dat ze helaas ook hebben over mensen die graag een paar kinderen gehad zouden willen hebben maar aan wie dat door medische oorzaken niet gegeven is. Opzettelijk kinderloos tegenover ongewenst kinderloos. Opzet is schuld. Maar in de Christelijke opvatting kan schuld vergeven worden. Meer zeg ik hier niet over.

Gnostiek voert oorlog tegen natuur

Nog wel iets over de wortel van het verzet tegen het binaire karakter van de natuur. Dit verzet gaat dwars in tegen wat waarneembaar is, en ook tegen wat functioneel blijkt. Deze kijk gaat terug op een overdreven platonisme: wat wij om ons heen zien is niet het werkelijke, maar slechts een afschaduwing van de zuivere ideeën. Dit platonisme is verder ontspoord en heeft zich ontwikkeld tot gnostiek. Die wijst nog radicaler de waarneembare werkelijkheid af: deze deugt fundamenteel niet. En de gnostiek keert in de twintigste eeuw terug in het jasje van het postmodernisme waarin alles op losse schroeven wordt gezet en waar de gender-ideologie ook uit ontstaan is: "Vrouw ben je niet, je wordt tot vrouw gemaakt". Onzin. Je kunt eicellen produceren en dus ben je vrouw. Je kunt zaadcellen produceren en dus ben je man. Je mag verder denken wat je wilt, maar in biologische zin klopt het niet. En als je het moeilijk hebt met zulke bizarre gedachten – dat strekt je trouwens tot eer – zoek een goeie psychiater, of beter nog: een goede priester. Tenslotte: laat de wetgeving zich verre houden van deze opvattingen. In het paspoort hoort gewoon je geboortegeslacht te staan. En dat is het dan, voor je hele leven.

Laatst bijgewerkt: 15 augustus 2023 09:04

Doneer